Ken ik jou niet ergens van?

Er zijn een aantal mensen in mijn leven die ik, ondanks dat ik ze helemaal niet ken, heel erg goed ken.
Mensen die je dag in, dag uit op precies dezelfde plek om precies dezelfde tijd tegenkomt. Omdat ze, hoe verschillend ze ook zijn, toch iets hetzelfde doen als ik. En op een bepaalde manier opvallend zijn zodat ik elke weer denk ‘Hé, daar is ie weer! ‘.

Iedereen kent wel zulke bekende onbekenden. Mensen van wie je veel meer weet dan je eigenlijk zou moeten weten. Maar toch gebeurt het. Omdat die paar aanwijzingen die je elke dag krijgt ongewild het levensverhaal van deze personen doen verklappen. En stiekem geniet ik daar enorm van. Daarom wil ik jullie graag voorstellen aan mijn twee favoriete bekende onbekenden.

Mijn eerste noem ik ‘Snelle Jelle’. Of hij echt Jelle heet weet ik niet, maar snel is hij zeker. Hij fiets me altijd tegemoet wanneer ik naar mijn werk fiets.
Wat opvallend is, is dat hij altijd precies op hetzelfde tijdstip langs dezelfde plek fiets. Hoe eerder ik hem dus tegenkom, hoe later ik weet dat ik ben…
Deze man houdt dus van stiptheid en is altijd overal op tijd. Daarnaast houdt hij van ritme en vastigheid. Maar het leukste kenmerk van deze man vind ik zijn snelheid. Zijn enorme efficiëntie om geen tijd te willen verspillen. Hij scheurt me altijd voorbij op zijn racefietsje. Met een vastberaden blik in zijn ogen.

Qua liefdesleven heb ik altijd gedacht dat hij een vaste vriendin heeft. Omdat hij in Nieuwegein woont en ik ergens het idee heb dat je daar alleen zou gaan wonen wegens burgerlijke praktische redenen. Een man alleen zou toch nooit vrijwillig in Nieuwegein gaan wonen?
Maar dat idee was fout.
Op een ochtend fietste hij namelijk opeens met een meisje. Een meisje dat duidelijk niet zijn vriendin was omdat de ongemakkelijkheid van het daten in het beginstadium ervan af droop.
Maar het mooiste was de gepijnigde blik op zijn gezicht. Want wat fietste dat meisje langzaam. Een ramp voor Snelle Jelle. Zijn hele lichaam straalde uit dat hij er eigenlijk heel hard van door wilde fietsen. Ik voelde zijn pijn. Ik heb haar daarna nooit meer aan zijn zijde gezien.

Favoriet nummer twee is ‘De man zonder kleren’. Ik geef toe dat hij die titel eigenlijk niet verdient. Het grootste deel van zijn kleren heeft hij namelijk nog wel aan, maar ik hou nou eenmaal van overdrijven.
Hij loopt, welk seizoen het ook is, wat voor weersomstandigheden er ook zijn, altijd in alleen een T-shirt met korte mouw buiten. Zonder uitzondering. Ik heb hem nog nooit in meer kleren dan dat gezien.

Bij hem betrap ik mezelf erop dat ik niet zo zeer geïnteresseerd ben in zijn leven maar vooral in zijn beweegredenen om altijd zo schaars gekleed te gaan. Verschillende theorieën zijn mijn gedachten al gepasseerd.
Hij heeft te weinig geld. Nee, saaie theorie en niet kloppend want hij gaat elke dag met de trein en loopt rond met koffiebekers van de Starbucks.
Hij wil een statement maken. Ja, vast en zeker.
Maar wat voor statement? Tegen kleren gemaakt door kinderarbeid? Zou kunnen.
Tegen de NS? Wil hij de NS laten zien dat, hoe hard het ook sneeuwt hij wel gewoon op hetzelfde spoor blijft doorgaan en doorgaan? Het zou allemaal kunnen.
Maar deze theorieën kunnen mijn aandacht niet lang vasthouden. Ik vind ze saai. Dus zet ik mijn roze bril op.

Ik stel me hem nu voor in de kroeg. Op jacht naar meisjes. Ik bekijk hem eens goed. Hij ziet er een beetje verlegen uit. Niet iemand die in de kroeg zomaar op de vrouwen afstapt. Weinig creatief ook, aangezien hij elke dag hetzelfde draagt. Hij zal dus wel geen onuitputbare voorraad goede openingszinnen op zak hebben.
Meteen daarna trek ik mijn conclusie.
Als hij geen goede openingszinnen kent en niet op vrouwen durft af te stappen moet hij het wel omdraaien. Hij wil dat de vrouwen op hem afkomen en trekt daarom steevast te weinig kleren aan. Als ik al wekenlang gefascineerd ben over de man en waarom hij altijd alleen maar een T-shirt draagt, dan moeten er vast meer zijn.
Blij en trots dat ik eindelijk het antwoord heb gevonden blijf ik hem nog een tijdje observeren. Maar de woorden ‘Heb ik iets van je aan?’ onderbreken mijn gedachtes. Hij kijkt me een beetje boos aan. Ik begin te giechelen en denk heel kinderachtig ‘Nou, je hebt vooral heel veel dingen niet aan’.
Het giechelen is niet erg bevorderlijk voor zijn gemoedstoestand en nog iets bozer vraagt hij ‘Wilde je iets zeggen?’.
Nog voordat ik hierover na heb kunnen denken schieten de woorden via mijn mond al naar buiten: ‘Ken ik jou niet ergens van?’

 

Kennen jullie ook leuke bekende onbekenden?

Deel dit bericht:Share on FacebookEmail this to someoneTweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on PinterestShare on Google+

8 thoughts on “Ken ik jou niet ergens van?

  1. eachscarhasastory says:
    eachscarhasastory@gmail.com'

    Wat heb je dat heerlijk geschreven! Ik heb er zo een jongen die ik als ik het eerste uur begin altijd op een bepaald stukje dijk tegen kom en als ik het laatste uur uit ben, ook op dat stukje dijk tegenkwam en pas geleden kwam ik hem in de stad tegen, altijd een beetje vreemd ;) Xoxo

  2. Simpel,met een snufje liefde. says:
    simpelmetliefde@outlook.com'

    hahahah ja, je hebt helemaal gelijk. Ik ken ook heel veel van die mensen. Als ik s’ ochtends het rondje met de hond loop kom ik eerst 2 mensen tegen waarvan ik de naam niet weet maar wel een praatje mee maak. En een paar minuten daarna komt er altijd een jongen voorbij gefiets die keihard en vals zingt op de fiets. En dat elke dag rond dezelfde tijd. Het is bijna raar als ik ze eens een keer niet tegenkom.

Reageren kan hier!