Op fietse in Utrecht

De fietsspits in Utrecht. Dat is iets wat je een keer meegemaakt moet hebben om echt te weten wat het is. Het is dramatisch. En dan vooral rondom het Centraal Station. Het is iets waardoor je een halfuur eerder van huis moet om je trein te kunnen halen. Elke ochtend is het weer feest. Veel fietsers zou op zich geen probleem moeten zijn toch? Wel als ze zo traag fietsen. Alsof de fietsenmaker is uitgeschoten met lijm toen hij hun banden plakte. En wel als de hele omgeving één grote bouwput is waardoor je elke dag een ander soort ministukje fietspad kan gebruiken. En dan te bedenken dat iedereen binnen een straal van 1 kilometer van het CS altijd, zonder uitzondering, haast heeft. Dus waarom moet het allemaal zo traag?! Er ontstaat elke dag een fietsfile. Mensen die zeuren dat ze in Rotterdam werken en elke dag daar in de file moeten staan zijn aanstellers. Ze zouden dit eens moeten meemaken! Ik durf er alles om te verwedden dat ze daarna nooit meer zullen klagen. Voor mij als sportvrouw is het nog frustrerender. Ik heb niet alleen haast, ik heb ook een vreselijke hekel aan langzaam fietsen. Ik kan het niet eens. Dus ik doe elke ochtend wanhopige pogingen om de stoet bij langs te gaan. Ik zet mijn aanval in. Probeer het linksom, probeer het rechtsom. Maar niets lukt, je komt er gewoonweg niet langs. Deze ochtend is niet anders. De kopgroep ziet er dit keer aardig sportief uit dus ik heb nog even de hoop dat we vandaag wat gaan versnellen. Maar nee, het blijft bij 7 km per uur – wat net genoeg is om niet met fiets en al om te vallen. Ik bedenk me dat ik net zo goed helemaal om kan fietsen en toch nog eerder op het station kan zijn dan deze groep. Ik zou zelfs nog eerder zijn als ik even langs huis fiets om mijn roze bril – die ik gezien mijn gemopper duidelijk ben vergeten- op te halen. Dus ik maak rechtsomkeert. Wat is het trouwens nog donker buiten. Het zou toch al steeds lichter worden? Ik fiets uiteraard expres heel hard zodat iedereen kan zien hoe het ook kan. Hoe ik het kan.
Als ik langs huis ben geweest en m’n roze bril weer op heb, fiets ik terug richting het CS. Ik zie dat de file is opgelost. Yes! Lekker doorscheuren dus. En het zonnetje komt ook door, wat fijn. Heerlijk om zo te fietsen met hard opgepompte banden en een bijna-lente-windje in m’n gezicht. ‘Fietfieuw!’ hoor ik achter me. Goh, wat leuk, bouwvakkers! Ik zwaai enthousiast terug. ‘Joehoe!! Hallo mannen!!’
Op en top genieten dit. Ik hoor vogeltjes fluiten en fiets langs een weiland met schapen. Ze blaten wat en ik blaat terug. Zo doe je dat, als blonde schapen onder elkaar. Een weiland met schapen naast Utrecht CS?! Jullie geloven ook alles hè? Dat is natuurlijk onmogelijk. Maar ik merk dat mijn roze bril in combinatie met het zitten op een fiets een bijna magische werking heeft. Het laat me dingen zien die er niet zijn.  Ach, wat maakt het ook allemaal uit. Het is gewoon een prachtdag! En er is niets lekkerders dan een beetje rondfietsen. Dus luister tot slot vooral even naar mijn bijbehorende lijflied.

Deel dit bericht:Share on FacebookEmail this to someoneTweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on PinterestShare on Google+

10 thoughts on “Op fietse in Utrecht

Reageren kan hier!