Netwerken met een roze bril op

Netwerken, ik ben er niet goed in. En niet vanwege de reden waarom de meeste mensen er niet goed in zijn. Niet vanwege het ongemakkelijke of het geforceerde. Niet vanwege het niet durven aanspreken of niet weten wat te zeggen. Dat is het niet. Ik draag twee veel grotere problemen met me mee tijdens het netwerken. Probleem 1 draag ik op mijn neus: mijn roze bril. Probleem 2 draag ik mee op mijn schouder: mijn fantasie. Probleem 1 zorgt ervoor dat ik vooral de jonge aantrekkelijke mannen van de groep opzoek. Maar voor een succesvolle netwerkactiviteit zou ik juist de oudere mannen moeten opzoeken. Zij hebben immers de ervaring en het grote netwerk. Maar helaas, mijn roze bril zorgt ervoor dat ik ze niet eens zie staan. Ik word als het ware naar de jonge mannen toegetrokken. En in plaats van met die jonge mannen te praten over conjunctuurschommelingen, schommel ik met mijn heupen.
Probleem 2 zorgt ervoor dat ik in plaats van goed te luisteren en scherpe antwoorden weet te geven, dialogen voer met mijn fantasie waardoor ik gedurende elk gesprek geheel afgeleid ben.
Kortom, mijn twee accessoires maken mijn netwerkborrels elke keer tot een hel. Ik zal jullie een korte schets tonen van hoe zo’n gemiddelde avond voor mij verloopt.
Ik kom binnen en kijk rond. Door mijn roze bril vallen me meteen een paar jongemannen op. Ik weet dat ik niet naar ze toe moet gaan, maar de kracht van mijn roze bril is sterker dan die kennis. ‘Hoi!’ zeg ik met knipperende wimpers tegen de jongeman naast mij. Ik krijg een ‘hallo’ terug en glimlach lief. Focus Sandrijn, je bent hier om te netwerken, niet om te flirten. Maar voordat ik het weet hebben we het over zijn lievelingsfilm in plaats van over het bedrijf waarvoor hij werkt. En voordat ik het weet geeft hij me zijn mobiele telefoonnummer in plaats van zijn visitekaartje. En hebben we een afspraak gemaakt om een keer in de avond een wijntje te drinken in plaats van een zakelijke koffie in de ochtend. Oeps, weer mislukt. Ach, hij was wel leuk.
Om van de netwerkborrel toch nog een succes te maken ga ik op zoek naar de wat oudere mannen. Daar heb ik geen last van mijn roze bril en moet ik toch in staat zijn om een professioneel gesprek te voeren? Probleem 2, mijn fantasie, denkt daar anders over. Ik sta nog geen minuut met een man te praten of ze begint vanaf mijn schouder tegen me aan te praten. ‘Die man hè, zou die een vrouw hebben?’ ‘Ssst, wat maakt dat nou uit? Ik ben hier om te netwerken’ zeg ik zonder woorden tegen mijn fantasie. ‘Hij heeft geen ring om zijn vinger’. ‘Nou en, houd gewoon je mond!’ Ondertussen praat de man tegen me aan over onderwerpen waar ik geen touw aan vast kan knopen. Helaas vraagt hij naar mijn mening over de invloed van de bladibla op de bladibla en zal ik toch echt met een goed antwoord  moeten komen. ‘Hij heeft wel hele goede tanden. Duidelijk een flosser. Alleen getrouwde mannen flossen’. ‘Alsjeblieft, wees stil. Help me liever een goed antwoord op zijn vraag te bedenken’ mompel ik wanhopig. Maar helaas, mijn fantasie is op dreef. Ze zit te stuiteren op mijn schouder en blijft maar dingen in mijn oor fluisteren. ‘Is hij hier alleen? Die vrouw hiernaast zit wel de hele tijd naar hem te kijken.’ De man kijkt me vragend aan en ik realiseer me dat ik nog steeds geen antwoord op zijn vraag heb gegeven.  ‘Oh! De man kijkt over zijn schouder ook naar haar! Zouden ze een geheime affaire hebben?’ ‘STIL NOU EENS!’ De man kijkt verschrikt op. ‘Nouja zeg!’ brengt hij verontwaardigd uit. Shit, zei ik dat echt hardop? Met een rood hoofd draai ik me om en loop snel richting de uitgang. Ik ben er klaar mee. Ik kan dit niet. Ik ga naar huis.
Mijn fantasie gooi ik van m’n schouder af. ‘Loop jij maar lekker zelf naar huis’.

Deel dit bericht:Share on FacebookEmail this to someoneTweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on PinterestShare on Google+

Reageren kan hier!