2014-05-Life-of-pix-street-city-crosswalk

Internetdaten; misschien toch zo gek nog niet

Doe eens rustig. Ga alsjeblieft even stil zitten. Ik word helemaal zenuwachtig van je. Dat zijn de gedachten die door mijn hoofd schieten als ik kijk naar het meisje tegenover me in de trein. Een lang meisje met wilde blonde krullen van een jaar of 25. Een beetje zoals ik dus. Verrek zeg! Niet een beetje zoals ik, ze lijkt precies op me. Het wordt bijna eng. Maar waarom is mijn dubbelgangster toch zo zenuwachtig?

Ze kan geen seconde stil zitten en haar benen trillen overduidelijk. Er zijn twee opties. Optie 1: Ze heeft een sollicitatiegesprek. Optie 2: Ze heeft een date. Ik gooi een muntje op om voor mezelf te besluiten welke van de twee het wordt. Munt voor sollicitatie, kop voor date. Ik gooi en kijk vol spanning naar het muntje. Yes! Kop! Daar hadden mijn roze bril en ik natuurlijk al op gehoopt. Mijn dubbelgangster heeft zo dus een date. Haar zenuwen lijken met elke kilometer toe te nemen. Ze kijkt om de 5 minuten in de spiegel, frunnikt aan haar kleren en gooit haar haar los om het vervolgens weer vast te doen. Ik wil heel graag weten waarom ze zo zenuwachtig is en wat voor date ze zo heeft. Maar dat ga ik natuurlijk niet vragen aan een onbekende in de trein. Mijn nieuwsgierigheid denkt er echter anders over. Vanuit mijn onderbuik voel ik haar langzaam omhoog kruipen. Nee, denk ik. Ga terug. Ik ga haar echt niet vragen naar haar date. Maar mijn nieuwsgierigheid is eigenwijs en kruipt nog verder omhoog. Ze baant zich een weg naar boven en duwt zich tussen mijn lippen door naar buiten: ‘SPANNENDE DATE’? floept mijn nieuwsgierigheid eruit. Bedankt nieuwsgierigheid. Met een rood hoofd zeg ik snel: ‘Sorry hoor, je hoeft er niet op te antwoorden’. Maar ze lijkt het wel fijn te vinden om haar zenuwen met iemand te kunnen delen. ‘Internet’ zegt ze. Ah, een internetdate. Dit kan interessant worden. ‘Heb je een foto van hem?’ vraag ik haar. Ze pakt haar telefoon en draait het schermpje naar me om. ‘Hij is nogal uh..knap’ zegt ze.
Nogal?! Hij is onmogelijk knap. Het lijkt alsof hij gebeeldhouwd is en er 100 jaar over gedaan is om zo tot een Adonis te komen voor wie het woord ‘perfect’ absoluut niet zou voldoen. Zijn gezicht is op de millimeter symmetrisch en zelfs zijn sexy stoppels-van-1-dag zijn geheel gelijkmatig verdeeld. Allemachtig. Met een klein beetje medelijden kijk ik mijn dubbelgangster aan. Zou ze echt zo naïef zijn? Deze man kan natuurlijk nooit echt zijn. Waarschijnlijk staat er een kalende vieze oude man op haar te wachten. Ik vraag me af of ik haar niet moet waarschuwen, maar besluit om niets te zeggen. Ze vertelt me dat ze het volgende station eruit moet en dat haar blind date op het perron op haar zal wachten. Wel neem ik me daarom voor om haar, en vooral de man, goed in de gaten te houden wanneer ze uitstapt.
‘Hij is inderdaad erg knap!’ zeg ik bemoedigend. We minderen vaart en mijn dubbelgangster vertoont haar laatste stuiptrekkingen van angst. ‘Nou, dan ga ik maar.’ Ik wens haar succes en bereid me ondertussen voor om vlak achter haar aan naar de deur van de trein te sprinten. Ze loopt naar buiten en terwijl ik me verstop gluur ik naar buiten op zoek naar een enge man. Maar ik zie hem niet. Wat gek, denk ik. Zo’n kans zou een vieze man toch niet voorbij laten gaan? Ik kijk nog eens goed en zie mijn dubbelgangster naar iemand zwaaien. Ah, daar is hij! Ik maak me klaar voor een eventuele reddingsactie. Maar wacht eens… Nee, dit kan niet… Ik geloof mijn ogen niet. Maar het is hem echt. Daar staat hij in al zijn schoonheid. Met wapperende manen. Prachtig gespierd en lang. De perfecte Adonis. En in het echt is hij nog mooier.
Mijn dubbelgangster loopt met zwabberbenen naar hem toe. Ik hoor haar hart hier helemaal bonken.
‘NEE WACHT!’ wil ik roepen. ‘Jij bent veel te zenuwachtig. Je zou het alleen maar verpesten. Je durft het niet! Ik ga wel. Ik offer me wel op. Laat mij je redden! Ik lijk toch op je. Ik ben je dubbelgangster. Laat mij met hem op date gaan!’ Net op het moment dat ik trein uit wil springen om mijn dubbelgangster aan de kant te duwen en me te werpen in de armen van de perfecte Adonis sluiten de deuren van de trein. NEE!!!………….. Ik kijk nog een keer naar buiten voor een laatste blik op het stukje hemel op twee benen.
Verslagen loop ik weer terug naar mijn stoel en ga zitten. Het daaropvolgende halfuur ben ik te flabbergasted om iets te denken. Maar mijn gedachten komen langzaam terug; Dat internetdaten, dat is misschien toch zo gek nog niet.

Deel dit bericht:Share on FacebookEmail this to someoneTweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on PinterestShare on Google+

One thought on “Internetdaten; misschien toch zo gek nog niet

Reageren kan hier!